Categories

Archive

Disclaimer

De meningen ge-uit door medewerkers en studenten van de TU Delft en de commentaren die zijn gegeven reflecteren niet perse de mening(en) van de TU Delft. De TU Delft is dan ook niet verantwoordelijk voor de inhoud van hetgeen op de TU Delft weblogs zichtbaar is. Wel vindt de TU Delft het belangrijk - en ook waarde toevoegend - dat medewerkers en studenten op deze, door de TU Delft gefaciliteerde, omgeving hun mening kunnen geven.

Posts tagged adrie

adrie

Werkende markten voor ziekenhuizen

Marktwerking in de zorg blijft een politiek twistpunt, zo bleek weer tijdens de verkiezingsdebatten. Het nieuwe kabinet zal echter snel duidelijkheid moeten verschaffen over de marktwerking in de ziekenhuissector. Om de groei van de kosten onder de huidige economische omstandigheden in te dammen zal er een sterke drang zijn om oude instrumenten, zoals de budgettering, uit de kast te halen. Teruggrijpen op oude instrumenten en het handhaven van het huidige hybride systeem, dat het slechtste van twee werelden verenigt, is geen optie. Het nieuwe kabinet zal moeten inzetten op het creëren van goede condities voor marktwerking, zoals verbetering van de informatievoorziening over de kwaliteit van zorg, her creëren van een eerlijk speelveld, invoering van eigen bijdragen en een aanzienlijke vereenvoudiging van het systeem van producten (DBC’s).

Marktwerking in de zorg kan niet als een panacee worden gezien; deze heeft immers zijn eigen dynamiek en eigenaardigheden. Zo leidt de door marktwerking gestimuleerde productiviteitsgroei niet automatisch tot kostenbeheersing. Ten tijde van de introductie van de marktwerking is de productiviteit in de zorg fors gegroeid. Verschillende onderzoeken van bureaus als Prismant, IPSE Studies, Roland Berger en RIVM bevestigen dit (het RIVM meldt bijvoorbeeld een gemiddelde jaarlijkse groei van bijna 3% in de periode 2003-2008). Dit is gunstig omdat het tegemoet komt aan de toenemende zorgvraag als gevolg van de vergrijzing en aan de kwaliteit van de dienstverlening. Het sluit echter niet uit dat er nieuwe ook minder belangrijke, maar wel voor het ziekenhuis winstgevende, diensten aangeboden gaan worden. Dit laatste verhoogt de collectieve lastendruk en is ongunstig voor de premiebetalende burger: de inhoud van de basisverzekering komt zeker onder druk te staan.

Dat bij verdere introductie van de marktwerking de markt ook echt zijn werk zal doen, is ook maar zeer de vraag. De ziekenhuismarkt is een markt met vele imperfecties. Zo hebben de afnemers (patiënten en verzekeraars) een grote informatieachterstand die maar moeilijk te dichten is. De dokter bepaalt immers. Patiënten hebben weinig remmingen om excessief gebruik te maken van zorg: zij hoeven er immers niet voor te betalen. Verder is het de vraag of de ziekenhuismarkt wel voldoende concurrentie kent. Op de ziekenhuismarkt is eerder sprake van lokale monopolies en een kartel van medisch specialisten. In het Tijdschrift voor Openbare Financiën schetsen Blank en Wats een beeld van de ziekenhuismarkt in 2020 bij onvoldoende regulering. De markt zal dan bestaan uit een beperkt aantal grote ondoelmatige ziekenhuizen.

Afzien van marktwerking vanwege deze bezwaren is echter een voorbeeld van het kind met het badwater weggooien. Afzien van potentiële productiviteitsgroei betekent namelijk welvaartsverlies. Het nieuwe kabinet zal moeten inzetten op het creëren van goede condities voor marktwerking. Zo moet de informatievoorziening over de kwaliteit van zorg worden uitgebouwd en het hele prijssysteem sterk worden vereenvoudigd. Het huidige systeem van 30.000 DBC’s zou niet moeten worden gereduceerd tot 3.000 (zoals Klink voorstelde), maar tot een eenvoudig en transparant systeem van maximaal 15 diagnoseattributen. Onderzoek laat namelijk zien dat meer dan 95% van de kostenvariatie te verklaren is uit soms niet meer dan vijf indicatoren (zie bijvoorbeeld Blank et al. 1998). Door een beperkt aantal attributen van een behandeling te benoemen (en te beprijzen) is eenvoudig recht te doen aan de kostprijsverschillen tussen behandelingen.

Excessief zorggebruik is in te dammen door eigen bijdragen te innen van patiënten. De patiënt wordt dan kritischer in zijn vraag naar zorg en kan door betere kwaliteitsinformatie samen met de verzekeraar een tegenwicht vormen voor de aanbieder. De markt kan meer concurrentie ontwikkelen als er een eerlijk speelveld wordt gecreëerd. Dit betekent dat academische ziekenhuizen zich moeten beperken tot hun kerntaken en dat het onderscheid tussen A segment (geen markt) en B segment (wel markt) wordt opgeheven. Alle dienstverlening gaat naar de markt, ook de spoedeisende hulp en hele specialistische functies. Om te voorkomen dat ieder ziekenhuis er dure en wellicht kwalitatief ook mindere specialistische functies op na gaat houden, worden deze functies via aanbestedingsprocedures geregeld. Een belangrijke taak is ook weggelegd voor het toezicht van de NMa, die tot nu toe lankmoedig is geweest bij het beoordelen van fusies. Fusies van ziekenhuizen die tot meer dan 500 bedden leiden zouden op voorhand moeten worden afgewezen. Uit de literatuur blijkt dat de doelmatigheid hier op geen enkele manier gediend is. Geclaimde schaalvoordelen bestaan bij deze omvang niet meer.

Er is een aantal ingrijpende beslissingen gewenst die om een grote mate van nauwkeurige afstemming vragen en die ook geen uitstel verdragen. Terug naar af of handhaven van het huidige hybride systeem zijn geen opties.

Dit opiniestuk is
een neerslag van ‘Heroverwegingen over
zorg of zorg over heroverwegingen’
uitgesproken door Jos Blank tijdens het
colloquium ‘Heroverwegingen voor de kabinetsformateur’ (17 juni, Nieuwspoort
Den Haag)

© 2011 TU Delft